zaterdag 17 januari 2026

Pechgeval

Of ik veilig stond?, werd me gevraagd via het keuzemenu van de ANWB-hulplijn. Ja hoor. Ik stond aan de goede kant van de vangrail, met mijn gele veiligheidshesje aan. Alarmlichten aan. Ik had keurig de gevarendriehoek uitgezet. Wel tegen de trekhaak aan, want ik wist niet hoe ik het ding moest neerzetten zonder dat hij om zou vallen (daar kwam ik achter toen ik 'm later weer in de kofferbak legde). Maar hij stond er.

Dus beantwoordde ik die vraag over veilig staan met JA. En werd ik doorverwezen naar het online meldpunt. 
Daar stond ik dan: het razende verkeer kwam met 100+ kilometer per uur een paar meter van me af voorbij razen. En ik worstelde me online door allerlei administratieve vragen heen via de link die ik in een SMS had gekregen.

Domoor dat ik was: natuurlijk was dit geen veilige plek! En toen ik vervolgens online de vraag of ik langs de snelweg stond met JA beantwoordde, werd gemeld dat ik wel degelijk weer meteen moest bellen. Dus deed ik dat. A15, 102,9 links aldus het hectometerpaaltje.
Ik had de hoorn er nog niet opgelegd, of er kwam een sleepwagen aan. Hij minderde vaart, kwam de vluchtstrook op, en reed achteruit naar me toe. 'Waar is de sleutel?'
Die lag nog in de auto. In de achterbak, waar ik had staan rommelen in de krat voor het hesje en de gevarendriehoek. 

Drie keer met mijn ogen knipperen, en de rode bolide stond al bovenop de sleepwagen.


'Kwam je toevallig langs?', vraag ik, in mijn naïeve onwetendheid aan de man in zijn oranje kleding. 'Welnee, ik had een melding gekregen dat je er stond'. 
'Oh...'
'Heb je de ANWB al gebeld?', vraagt de man.
'Ja, zojuist. Maar jij bent toch via de ANWB hier naartoe gestuurd?'
De man kijkt me beetje verwonderd aan. 'Welnee, we zagen je via het camerasysteem staan. En jij moet zo snel mogelijk de snelweg af. Dus stap maar alvast in de vrachtwagen, ik ben bijna klaar.'

Een beetje beduusd klauter ik de hoge vangrail weer over. Het gaat niet bepaald soepel, want met al die sneeuw en regen in de afgelopen dagen zak ik centimeters diep weg in de berm. En zo'n vangrail lijkt een laag randje, maar van dichtbij is het nog een behoorlijk hek. Als een sierlijke hinde erover heen springen lukt me helaas niet, en dus worstel ik me door en over die grijze dingen heen. Weg met de schaamte, kleine kans dat ik passanten van dat moment ooit nog eens zie. 

Poeh. In die vrachtwagen voelt het eigenlijk toch wel wat veiliger. 
'Zo. Ik breng je naar Lukoil, een tankstation bij afslag Gorinchem. Daar kan de ANWB je verder helpen.' 
Ok. Ik vind het best. Ik stuur ondertussen Ronald even een berichtje. En ondertussen word ik door Rijkswaterstaat-meneer afgemeld bij de centrale. 'Goedemorgen, melding A15 102,9 links is van de weg af'. 

Aangekomen bij het tankstation wordt de Focus weer de vrachtwagen afgerold. En ondanks de bedrijvigheid daar voelt deze plek als een weldadige rust. Wat geeft zo'n snelweg eigenlijk een hoop kabaal, zeker als er ook nog eens achter je een eindeloze rij goederenwagons langsdendert over de Betuwe spoorlijn. 

Eigenlijk best wel gewaagd, langs zo'n drukke weg niet alleen moeten stoppen, maar ook nog eens extra de vluchtstrook oplopen om allevier de banden te checken. 
Maar ja. Ik voelde het zo duidelijk! Mijn stuur begon te klapperen in mijn handen. Ik dacht nog: spoorvorming. Maar het werd niet minder na het wisselen van rijbaan. En op de vluchtstrook ook niet. Ik trok nog maar weer eens op, op de vluchtstrook, maar weer begon het stuur te klapperen. Dus kon het maar 1 ding zijn: een lekke band.
Maar hoe ik ook keek en checkte: het was geen lekke band. En de Rijkswaterstaat-meneer bevestigde het ook: de banden zien er goed uit. Hooguit rechtsvoor iets zacht.
Waren de banden net verwisseld, zodat er misschien een wiel niet goed vastzat? Nee, deze 4 seasons zaten er al driekwart jaar op.
Ik begon een beetje te twijfelen aan mezelf. Werd mijn auto nu voor niks afgesleept? Zou toch ook een bak zijn!

De Wegenwachter kwam, tien minuten nadat ik bij het tankstation was afgeleverd. Hij hoorde mijn verhaal aan, zag de Focus, en had gelijk al een eerste voorlopige diagnose: computerstoring in het ABS systeem. Probleem wat vaker voorkomt bij deze auto van dit bouwjaar.
'Het systeem is dan van de leg, en gaat dan uit zichzelf ingrijpen bij de rem bij 1 van de wielen. En ja, dat voelt precies alsof je een lekke band hebt.'

We gingen samen maar eens een proefrit maken. Zul je altijd zien: niks aan het handje hè. Het schaamrood steeg al naar mijn kaken. Al die heisa straks voor niks! Maar eigenlijk was dat een goed teken. Het bevestigde het vermoeden van de Wegenwachter. Als je namelijk de auto uit zet en weer aan, reset hij zichzelf. 

We reden gemoedelijk samen over de snelweg. We kletsten. Over Wegenwachter zijn, over agressie bij klanten, wapens in auto's, mensen die geen geld hebben en verwachten dat de Wegenwacht hun auto weer tiptop in orde maken, en nog meer van zulke bizarre dingen die hij onderweg meemaakte. Mijn mond viel af en toe open van verbazing. 'Ik vind mijn werk bij de Wegenwacht zó leuk! Maar tegelijk: ik heb nog nooit in mijn leven 112 hoeven te bellen, totdat ik bij de Wegenwacht kwam werken'.
Net als bij hulpverleners die te maken hebben met aggressie: dit is zo bizar! Mensen die alleen maar willen helpen worden gewoon bedreigd!

Na een heel aantal kilometers kwamen we weer terug bij het tankstation. De auto reed als een zonnetje, geen vuiltje aan de lucht. De beste man van de gele brigade las nog even alles uit, maar er was zelfs geen foutmelding te bekennen in het systeem. 
Alleen bij het remmen merkte de man dat dit anders voelde dan moest, en ook dat was een bevestiging van de storing. 
Enerzijds frustrerend, anderzijds goed nieuws. Ik kon gewoon verder! Gebeurde het weer, dan moest ik simpelweg even naar de kant van de weg, auto uitzetten, even wachten, auto aan, en dan moest het weer in orde zijn.
Een uurtje later dan gepland kwam ik veilig in Alblasserdam aan. Nergens geen last meer van gehad. En ook op de terugweg liep de Ford zoals die moest lopen. Of nou ja, rijden natuurlijk.