Het is nu echt herfst aan het worden. Wisten we allang natuurlijk, maar de eerste code oranje hangt nu in de lucht. Of nee, in het nieuws. Vanwege storm Benjamin. Ik zag vandaag de eerste dramatische krantenkoppen, met de waarschuwing: ‘... en uitkijken voor rondvliegend puin’. Puin nogal liefst. Als ik aan puin denk, denk ik heel eerlijk gezegd aan Gaza. Niet aan het nogal opgeruimde en aangeharkte Nederland.
Maar goed, ook al is het aangeharkt, met een flinke storm kan er ook dan het nodige rondvliegen. In januari 2018 vlogen hier ook de pannen van het dak. Toen ze vlogen was het nog géén puin, bij de landing in de tuin van de buurvrouw wel.
We gaan het zien of het inderdaad wordt wat men denkt dat het wordt. Invloed hebben we er niet op, en de verschillen kunnen lokaal groot zijn. Zo was van de zomer een code rood in Winterswijk op bepaalde plekken niet gek geweest, maar vroegen wij ons in Etten af waarom er überhaupt een code geel was afgegeven.
Neemt niet weg dat ik wel vind dat je een waarschuwing niet volledig naast je neer moet leggen. Dus heb ik vanmiddag de lichte tuinstoelen even opgeruimd, en al het overige wat snel gaat bonken, vliegen of verschuiven vastgezet of weggehaald. Niet omdat ik bang ben, maar omdat ik geen zin heb om het weer per minuut in de gaten te moeten houden op zo’n moment.
Afgelopen maandag gaven ze ook niet al te best weer op. Precies op de dag dat we er met z’n drieën er een dagje op uit gingen.
Ik was namelijk jarig, en als je me een beetje kent, dan weet je dat ik niet zo heel erg van de verjaardagen ben. Ik vind het namelijk, behalve de aandacht die natuurlijk heel lief is, vooral gedoe, vermoeiend, en weinig energie géven. En het is lief bedoeld, die cadeautjes, maar het over en weer ‘moeten’ schuiven van vervuilende spullen of cadeaubonnen terwijl we met z’n allen al zoveel geld en spullen hebben? Die vind ik soms persoonlijk heel lastig. Als je het wil doen, prima, en als het iets zelfgemaakt is: HOERA! Maar zodra het iets wordt in de trant van ‘zo doen we het altijd’, en ‘zo hoort het’, dan haak ik het liefst meteen af. Geven is prachtig, maar niet omdat het moet of omdat het hoort, en zeker niet als de cadeaus steeds groter en prachtiger en geweldiger en origineler moeten worden.
Het alternatief is voor mij persoonlijk zoveel fijner: er samen een dag opuit gaan. Gewoon, omdat samen zijn en iets doen leuk is. Omdat de wereld verder verkennen en op plekken komen waar je nog nooit geweest bent, verrijkend is. Omdat een dag lopen veel beter is voor je lichaam en geest, dan een dag zitten en eindeloos taart eten.
‘Oh oh, Den Haag’, dat werd ‘m. Ik had eerst een prachtig oord in Duitsland opgezocht, maar 4 uur heen en 4 uur terug rijden, dat vonden de mannen te gortig. Was het natuurlijk ook. Dus toen werd het gewoon een stad in Nederland: Den Haag. Stad van de polletiek. En aangezien ik die bij tijd en wijle best interessant vind, leek het me een mooie bestemming. Niet dat ik de illusie had dat ik Dick, Dilan, Rob of Chris tegen zou komen. Die waren namelijk hard bezig om zieltjes te winnen in den lande. Behalve Dick dan, die zat vast moederziel alleen in het torentje.
Na een prachtig weekend, waarbij we vooral zaterdag genoten van ongelooflijk mooi weer in Overijssel, sloeg het weer maandag om. En bij het vertrek was het dan ook druilerig en grijs: eigenlijk weer om je nog eens om te draaien in bed. Maar we hadden eens globaal buienradar bekeken, en daar leek het toch in Den Haag mee te vallen.
En inderdaad: hoe verder naar het westen, hoe beter het werd. En zonder al te veel noemenswaardige vertraging voegden we in het oosten in op de A12, en sloegen we aan de andere kant van het land weer van de A12 af.
De parkeergarage was niet druk, niet heel duur, alleen een beetje smalletjes. Maar dat schijnt een bekend euvel te zijn daar. En nadat we de wandelschoenen hadden aangetrokken, togen we de stad in.
Niet alles wat we wilden, lukte ook. De Komootapp liet ons in de steek met een wandelroute die vooral lángs het centrum voerde, maar er niet doorheen. En dus zetten we die halverwege uit. We wilden graag de Nieuwe Kerk bezoeken, maar net vandaag was deze gereserveerd voor een repetitie van een band. Eén van de leden van die band was echter zo enthousiast, dat hij ons alsnog uitnodigde even binnen te komen kijken in de kerk. Maar aangezien Xander nogal overstuur werd van het slaan op pannendeksels door de drummer, liepen we gauw weer naar buiten.
En ja, het Binnenhof. Daar konden we natuurlijk ook niet bij komen door de verbouwing. Maar als tegenprestatie is daar een grote uitkijktoren gezet, waardoor je een prachtig uitzicht hebt op alles wat daar gebeurt. En dat leverde toch wel waanzinnig mooie plaatjes op! Voor mij het hoogtepunt van de dag. Oude gebouwen, vol in renovatie, met op de achtergrond grote en hoge markante gebouwen van Den Haag: je bleef kijken.
We genoten. Van alle reuring en de enorme diversiteit aan eetzaakjes, boetiekjes en galerietjes. Van Xander, die ons wist te vertellen dat die beroemde laan met bomen bij het Binnenhof de Lange Vijverberg heette (stond in zijn boek over architectuur). Van alle oude én nieuwe panden die soms door elkaar heen staan. Van de zelfgebakken appeltaart, waarvan ik 3 stukjes in 3 aparte bakjes had meegenomen en die we halverwege opaten. Hoor 's, ik was tenslotte wel jarig, en ik had niet voor niks nog laatst appeltaart staan bakken.
En natuurlijk genoten we ook als kers op die appeltaart van een uurtje Scheveningen!
Na een grote bak patat met kibbeling, die we op een bankje opaten, was het welletjes. De voeten waren moe, het hoofd vol met alle indrukken, en we konden mooi achter de spits aan op huis aan. Perfect, zo’n verjaardag!